Direct een advocaat nodig? Bel: +31 10 220 44 00
Geen papier, toch bezwaar: staan er rechtsmiddelen open tegen een mondelinge last?
Fleur

Normaal gesproken wordt een handhavingsbesluit van een bestuursorgaan per brief verzonden aan de overtreder. Tegen dat schriftelijke besluit kan de overtreder vervolgens bezwaar en/of beroep instellen. In uitzonderlijke gevallen ontbreekt een schriftelijk besluit en deelt het bestuursorgaan alleen mondeling deel dat gehandhaafd wordt. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State moest in haar uitspraak van 5 augustus 2026 oordelen hoe het in zulke gevallen zit met de bezwaar- en beroepsmogelijkheden.
De in de uitspraak besproken zaak ging over een steiger in Groningen. De eigenaar van een pand had een vergunning om de steiger tijdelijk, van 8 november tot en met 3 december 2021, op het trottoir te laten staan. Tijdens een controle op 22 december 2021 bleek echter dat de steiger niet was verwijderd. Toezichthouders hebben toen telefonisch medegedeeld aan de eigenaar van het pand dat de steiger uiterlijk op 24 december moest zijn verwijderd.
Tijdens een controle op 24 december bleek dat de eigenaar dat nog niet had gedaan. Hij kreeg toen te horen dat de steiger die middag om 15:00 uur weg moest zijn, anders zou de gemeente de steiger op kosten van de eigenaar laten verwijderen. Zo ver liet de eigenaar het niet komen. Hij liet de steiger door zijn eigen steigerbouwer afbreken en verwijderen. Vervolgens vroeg hij het college wel om de volgens hem opgelegde last onder bestuursdwang op schrift te stellen. Dat weigerde het college, omdat het meende dat helemaal geen besluit was genomen dat op schrift moest worden gesteld.
Tegen de weigering om de (vermeende) last onder bestuursdwang op papier te zetten ging de eigenaar in bezwaar. Het college heeft dat bezwaar ongegrond verklaard, waarna de eigenaar naar de rechtbank stapte.
De rechtbank gaf het college gelijk. Er was volgens de rechtbank geen sprake van (super)spoedeisende bestuursdwang, omdat de eigenaar uiteindelijk zelf de steiger heeft laten verwijderen. Het college is dus niet daadwerkelijk tot toepassing van bestuursdwang overgegaan. Van een gewone last onder bestuursdwang was volgens de rechtbank ook geen sprake, omdat dat alleen kan als een schriftelijk besluit wordt opgelegd en dat hier juist ontbrak.
De eigenaar liet het er niet bij zitten en ging in hoger beroep bij de Afdeling. Die oordeelde als volgt. Een last onder bestuursdwang bestaat volgens artikel 5:21 Awb uit twee elementen: een verplichting om een overtreding te herstellen en de bevoegdheid van het bestuursorgaan om dat herstel indien nodig zelf uit te voeren. Gelet op die bewoording is het volgens de Afdeling niet doorslaggevend of het bestuursorgaan de bestuursdwang daadwerkelijk heeft uitgevoerd. Een gewone last onder bestuursdwang is er immers juist op gericht dat de overtreder zelf herstelt, zodat feitelijke bestuursdwang (door het college herstellen van de overtreding) niet nodig is.
Ondanks dat de eigenaar uiteindelijk zelf de steiger heeft verwijderd, was wél sprake van een last onder bestuursdwang. De herstelmaatregel was duidelijk, er was een concrete termijn waarbinnen moest zijn hersteld en de mededeling was gericht tot de overtreder. Bovendien was duidelijk dat het niet ging om een vrijblijvend verzoek om de steiger te verwijderen.
Vervolgens moest nog worden beoordeeld hoe het zat met de rechtsmiddelen die konden worden ingezet tegen een niet-schriftelijk besluit. De Afdeling stelt de mondelinge last onder bestuursdwang gelijk met een (schriftelijk) besluit, zodat daartegen dezelfde rechtsmiddelen openstaan. Reden daarvoor is dat het college, door te weigeren de last onder bestuursdwang op schrift te stellen, kon voorkomen dat de bestuursrechter de rechtmatigheid van de last beoordeelt. Dat is volgens de Afdeling niet de bedoeling.
Het eindoordeel van de Afdeling was daarom dat sprake was een last onder bestuursdwang en dat het college de daartegen door de eigenaar aangevoerde bezwaren inhoudelijk moest beoordelen. Hiermee wordt de eigenaar niet alleen de mogelijkheid geboden om een beslissing te krijgen op de rechtmatigheid van de handhaving, maar ook om – in het geval dat de handhaving inderdaad onrechtmatig is – schadevergoeding te vorderen.
Heeft u vragen over (voorgenomen) handhaving door een bestuursorgaan? Neem dan contact op met Gerard van der Wende of met mij.
U leest de uitspraak hier.
Wij wijzen erop dat de inhoud van onze website (inclusief eventuele juridische bijdragen) uitsluitend bedoeld is voor niet-bindende informatieve doeleinden en niet dient als juridisch advies in strikte zin. De inhoud van deze site kan en mag niet dienen als vervanging van individueel en bindend juridisch advies dat betrekking heeft op jouw specifieke situatie. Alle informatie wordt daarom verstrekt zonder garantie voor juistheid, volledigheid en actualiteit.
Geen papier, toch bezwaar: staan er rechtsmiddelen open tegen een mondelinge last?
Werknemer controleren op thuiswerken? Zorg eerst voor een goede aanleiding
Een onherroepelijke uitspraak betekent niet dat de feiten ook onherroepelijk vaststaan
Terugblik op een prachtige jubileum golfdag! ⛳️